Herinvesteringsreserve: voorwaarden & voorbeeld

Herinvesteringsreserve: voorwaarden & voorbeeld De herinvesteringsreserve (HIR) helpt ondernemers (zowel eenmanszaken, personenvennootschappen als BV's) om nieuwe investeringen in bedrijfsmiddelen te financieren. De HIR maakt het namelijk mogelijk om boekwinsten die worden behaald bij de verkoop van een bedrijfsmiddel toe te voegen ('doteren') aan deze reserve. Op deze manier wordt voorkomen dat over deze boekwinsten belasting is verschuldigd. Zodoende, kan de volledige verkoopopbrengst worden gebruikt om een nieuw bedrijfsmiddel aan te schaffen. Om van de HIR gebruik te maken, moet wel worden voldaan aan verschillende voorwaarden. Daarnaast kan de zogeheten boekwaarde-eis de toepassing van de HIR beperken. Merk op, dat met toepassing van de HIR geen afstel van belastingheffing wordt bereikt, maar 'slechts' uitstel. Door toepassing van de HIR worden namelijk ook de jaarlijkse afschrijvingen op het nieuwe bedrijfsmiddel verlaagd, zodat de toekomstige fiscale winst groter is dan wanneer de HIR niet was toegepast.

Ratio achter de HIR

Elk bedrijf zal eens in de zoveel tijd zijn bedrijfsmiddelen moeten vernieuwen om bijvoorbeeld mee te gaan met de nieuwste technologieën. In sommige gevallen wordt dan bij de verkoop van het oude bedrijfsmiddel een (belastbare) winst gerealiseerd doordat de verkoopopbrengst groter is dan de boekwaarde van het bedrijfsmiddel. Het is echter onredelijk om dit daadwerkelijk als winst te zien, aangezien de behaalde 'winst' direct weer moet worden gebruikt om een nieuw bedrijfsmiddel aan te schaffen. Om deze reden is de vervangingsreserve ingevoerd, die vanaf 2001 'herinvesteringsreserve' (HIR) heet. Winst die bij de verkoop van een bedrijfsmiddel wordt behaald, mag aan deze reserve worden toegevoegd, zodat (op dat moment) geen belasting is verschuldigd over deze winst.

Herinvesteringsreserve: voorwaarden voor dotatie

Toepassing van de herinvesteringsreserve (HIR) is, zoals elke fiscale ondernemersfaciliteit, aan enkele voorwaarden gebonden, zodat niet elke ondernemer bij elke verkoop van een bedrijfsmiddel hiervan gebruik kan maken.

Ook voor BV's

Allereerst, dient opgemerkt te worden dat hoewel de herinvesteringsreserve in de Wet inkomstenbelasting (artikel 3.54) is geregeld, deze ook geldt voor BV's. In de zogeheten 'schakelbepaling' (artikel 8 van de Wet vennootschapsbelasting) is namelijk bepaald dat dit artikel overeenkomstige toepassing heeft voor de vennootschapsbelasting.

Ook voor medegerechtigden

Voorts, kan élke 'winstgenieter' gebruikmaken van de HIR. Dus niet alleen de ondernemer, maar ook de medegerechtigde. Een commandite ('geldschieter') kan zodoende eveneens van deze fiscale faciliteit profiteren.

Bedrijfsmiddel

De HIR kan alleen gebruikt worden bij de verkoop van een bedrijfsmiddel. Grofweg, omvat dit alles wat een bedrijf gebruikt om zijn producten te maken of diensten te leveren, maar dat het bedrijf niet wil verkopen. Bijvoorbeeld, bij een kledingwinkel zijn onder andere het bedrijfspand, de bedrijfsauto en de inventaris bedrijfsmiddelen, maar de te verkopen kleding niet.

Verkoop, verlies of beschadiging

De wettekst spreekt niet van verkoop van een bedrijfsmiddel, maar 'vervreemding'. In de meeste gevallen zal dit de verkoop van het bedrijfsmiddel inhouden, maar ook diefstal of beschadiging van het bedrijfsmiddel wordt als 'vervreemding' aangemerkt, zodat ook in deze gevallen gebruikgemaakt kan worden van de HIR. De 'verkoopopbrengst' is in zo'n geval bijvoorbeeld de verzekeringsuitkering.

Voornemen tot herinvesteren

Van de HIR kan alleen gebruikgemaakt worden wanneer de ondernemer een 'voornemen tot herinvesteren' heeft. Het is aan de ondernemer om dit 'aannemelijk' te maken. Zoals gebruik in het fiscale recht, kan hierbij gebruik worden gemaakt van elk bewijs. Aanbeveling verdient het evenwel om het herinvesteringsvoornemen vast te leggen in notulen of een ander meer 'formeel' besluit, zodat dit voornemen met overtuiging bewezen kan worden.

Dezelfde bedrijfseconomische functie

Bij de overstap in 2001 van de vervangingsreserve naar de herinvesteringsreserve, zijn de voorwaarden voor toepassing van de reserve aanzienlijk versoepeld. Zo was onder de oude vervangingsreserve vereist dat het nieuwe bedrijfsmiddel een gelijke bedrijfseconomische functie heeft als het oude bedrijfsmiddel. Dit is in veel gevallen echter onredelijk, aangezien de bedrijfsomgeving van veel bedrijven verandert en zij zich hieraan willen aanpassen door ook andere bedrijfsmiddelen aan te schaffen. Om deze reden geldt de 'dezelfde bedrijfseconomische functie'-eis thans niet meer voor niet-duurzame bedrijfsmiddelen (dit zijn bedrijfsmiddelen met een afschrijvingstermijn van minder dan tien jaar). Concreet, betekent dit dat de boekwinst die bij de verkoop van bijvoorbeeld een auto wordt gemaakt, kan worden gebruikt voor de aanschaf van bijvoorbeeld een computer.

Duurzame bedrijfsmiddelen
De eis dat het nieuwe bedrijfsmiddelen 'dezelfde bedrijfseconomische functie' heeft, geldt wél nog voor duurzame bedrijfsmiddelen (bedrijfsmiddelen die over meer dan tien jaar worden afgeschreven, zoals bijvoorbeeld onroerende zaken) en bedrijfsmiddelen die niet worden afgeschreven (zoals bijvoorbeeld grond).

Binnen drie jaar herinvesteren, anders verplichte vrijval

Naast het voornemen om te herinvesteren (bij vorming van de HIR), is ook vereist dat binnen drie jaar daadwerkelijk wordt geherinvesteerd. Gebeurt dit niet, dan vindt 'vrijval' van de HIR plaats. Dit houdt in dat de aan de HIR toegevoegd ('gedoteerde') boekwinst alsnog wordt belast. In uitzonderlijke gevallen is verlening van de driejaartermijn mogelijk; hiertoe dient de ondernemer contact op te nemen met de Belastingdienst.

Vrijwillig gebruik met keuze per bedrijfsmiddel

Het gebruikmaken van de HIR is geheel vrijwillig. Een ondernemer kan bij de verkoop van elk bedrijfsmiddel kiezen of hij van de HIR gebruik wil maken of niet. Hierbij is hij niet verplicht 'consistent' te zijn, dus het staat hem vrij om bij de verkoop van het ene bedrijfsmiddel de HIR wél te gebruiken en bij het andere níet.

Urencriterium niet relevant

Om aan de HIR te mogen doteren, hoeft niet aan het urencriterium te worden voldaan. Dus ook ondernemers die relatief weinig uren aan hun onderneming besteden kunnen van deze fiscale faciliteit gebruikmaken.

Wijze van toepassing HIR

Gebruik van de herinvesteringsreserve (HIR) wordt door verschillende regels beperkt.

Opbrengst groter dan boekwaarde

Allereerst, kan de HIR alleen gebruikt worden wanneer de opbrengst van de verkoop van een bedrijfsmiddel groter is dan de boekwaarde van dit bedrijfsmiddel. De HIR kan zodoende niet gebruikt worden om verliezen pas in een later jaar fiscaal te realiseren (om zo 'verliesverdamping' te voorkomen).

Boekwaarde-eis

Voorts, geldt dat toepassing van de HIR niet ertoe mag leiden dat de boekwaarde van het nieuwe bedrijfsmiddel lager is dan boekwaarde van het oude bedrijfsmiddel. Dit wordt in de volgende paragraaf met een voorbeeld toegelicht.

Voorbeeld toepassing herinvesteringsreserve

Toepassing van de herinvesteringsreserve is soms complex, met name wanneer de boekwaarde-eis toegepast moet worden. Om deze reden wordt dit hieronder met een voorbeeld toegelicht.

Voorbeeld toepassing boekwaarde-eis

Stel, Jan heeft een kledingwinkel en verkoopt zijn bedrijfsauto, met een boekwaarde van 5.000, voor 8.000. Hij realiseert zodoende een boekwinst van 3.000. Deze boekwinst voegt hij toe aan een herinvesteringsreserve (HIR). Vervolgens, koopt hij een nieuwe bedrijfsauto voor 7.000. Hij wil de HIR (ter grootte van 3.000) toepassen op deze nieuwe bedrijfsauto. Echter, bij toepassing van de volledige HIR, zou de boekwaarde van de nieuwe bedrijfsauto 4.000 zijn ( 7.000 minus 3.000), terwijl de boekwaarde van de oude auto bij verkoop 5.000 bedroeg. Zodoende, mag slechts 2.000 van de HIR worden gebruikt, zodat de boekwaarde van de nieuwe auto 5.000 bedraagt.

BeschrijvingBedragOpmerking
Boekwaarde oude auto 5.000
Verkoopopbrengst nieuwe auto 8.000
Boekwinst (toe te voegen aan HIR) 3.000 8.000 minus 5.000
Aankoopprijs nieuwe auto 7.000
Toepassing HIR: 2.000Niet de volle 3.000, want dan zou de nieuwe boekwaarde lager zijn dan de oude boekwaarde
Boekwaarde nieuwe auto: 5.000 7.000 minus 2.000 is 5.000, zodat de boekwaarde van de nieuwe auto gelijk is aan de boekwaarde van de oude auto ( 5.000)

Met HIR wordt belastingheffing niet ontweken doch uitgesteld

Toepassing van de herinvesteringsreserve (HIR) leidt ertoe dat de boekwinst die wordt behaald bij de verkoop van een bedrijfsmiddel niet wordt belast. Echter, zoals ook te zien in het voorgaande voorbeeld, leidt toepassing van de HIR er ook toe dat de boekwaarde van het nieuwe bedrijfsmiddel vervolgens ook wordt verlaagd, wat ertoe leidt dat de (van de fiscale winst atrekbare) afschrijvingen die uit dit nieuwe bedrijfsmiddel voortkomen lager zijn. Als gevolg, leidt toepassing van de HIR tot een lagere fiscale winst in het jaar van vervreemding in het van dotatie (toevoeging) aan de HIR en in een iets hogere fiscale winst in de jaren na vrijval (afboeking) van de HIR wanneer een nieuw bedrijfsmiddel wordt aangeschaft. Dit kan eveneens met een voorbeeld worden toegelicht.

Voorbeeld uitstel belastingheffing door HIR

Stel, Jan verkoopt de bedrijfsauto van zijn kledingwinkel (boekwaarde van 5.000) voor 8.000, zodat hij een boekwinst realiseert van 3.000. Deze boekwinst voegt hij toe aan de HIR. Vervolgens, koopt Jan een nieuwe bedrijfsauto voor 8.000. Deze auto heeft een levensduur van vijf jaar en een verwachte restwaarde van 0. Zodoende, kan Jan in de vijf jaren na aankoop van de nieuwe auto zijn winst elk jaar verlagen met een jaarlijkse afschrijving van 1.000 (zie onderstaande tabel).

Jaarlijkse afschrijving met HIR

BeschrijvingBedragOpmerking
Boekwaarde oude auto 5.000
Verkoopopbrengst nieuwe auto 8.000
Boekwinst (toe te voegen aan HIR) 3.000 8.000 minus 5.000
Aankoopprijs nieuwe auto 8.000
Toepassing HIR: 3.000
Boekwaarde nieuwe auto: 5.000 8.000 minus 3.000
Verwachte restwaarde: 0
Afschrijvingsbasis: 5.000 5.000 minus 0
Jaarlijkse afschrijving: 1.000 5.000 / 5 (de verwachte levensduur van de auto is vijf jaar)

Zou hij de HIR daarentegen niet hebben toegepast, dan was de nieuwe jaarlijkse afschrijving 1.600 geweest (zie onderstaande tabel). Kortom, door de HIR toe te passen betaalt Jan in het jaar van dotatie over 3.000 minder belasting, maar hier staat tegenover dat hij in de vijf jaren na herinvestering jaarlijks over 600 winst meer belasting betaalt.

Jaarlijkse afschrijving zonder HIR

BeschrijvingBedragOpmerking
Boekwaarde nieuwe auto: 8.000De aanschafprijs, zonder verlaging met de HIR aangezien deze nu niet wordt toegepast
Verwachte restwaarde: 0
Afschrijvingsbasis: 8.000 8.000 minus 0
Jaarlijkse afschrijving: 1.600 8.000 / 5 (de verwachte levensduur van de auto is vijf jaar)

Is toepassing van de HIR aantrekkelijk?

Zoals in de voorgaande paragraaf toegelicht, wordt met toepassing van de HIR geen belastingheffing ontweken, maar 'slechts' uitgesteld. Uiteindelijk wordt de winst waarover geen belasting wordt betaald door deze toe te voegen aan de HIR namelijk alsnog belast in de vorm van lagere jaarlijkse afschrijvingen. Belastinguitstel is doorgaans gunstig gezien de zogeheten 'time value of money' (één euro is vandaag meer waard dan over pakweg tien jaar). In de praktijk speelt ook nog mee dat de ondernemer niet altijd de liquide middelen heeft om de belasting over boekwinst te voldoen (aangezien de boekwinst gebruikt moet worden om te herinvesteren), zodat ook om deze reden de HIR aantrekkelijk kan zijn.

Toepassing HIR niet altijd aantrekkelijk

Hier staat tegenover dat in sommige gevallen de HIR niet aantrekkelijk is. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer 'verliesverdamping' dreigt en een ondernemer om deze reden liever zijn fiscale winst nu wil nemen dan in de toekomst. Daarnaast is toepassing van de HIR soms administratief veeleisend, zodat ook om deze reden van deze fiscale faciliteit kan worden afgezien.
© 2017 - 2020 Bl86g, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Investeringsaftrek - kleinschaligheidsinvesteringsaftrekDe wetgever heeft een aantal aantrekkelijke regelingen opgezet om het investeren door ondernemers fiscaal te stimuleren.…
Afschrijving berekenenAfschrijving berekenenAlle ondernemers (en sommige particulieren) krijgen ermee te maken: het berekenen van de afschrijving van bedrijfsmiddel…
Interne stragegische analyses: VRIO-analyseInterne stragegische analyses: VRIO-analyseEr zijn veel verschillende analyses die je kunt doen om de waarde van je bedrijf te bepalen. Je kunt een onderscheid mak…
Precarioheffing door gemeenten via de energienotaPrecarioheffing door gemeenten via de energienotaTientallen gemeenten voerden in 2016 nog snel precariobelasting op het stroomnet onder hun grond in. Ze halen op die man…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: Stevepb, Pixabay
  • Herinvesteringsreserve: onbelaste boekwinst voor herinvesteren in nieuwe bedrijfsmiddelen, Arend Jan van Lint
  • Inkomstenbelasting alsmede hoofdzaken loonbelasting en premieheffing (Heithuis, Kavelaars en Schuver), 12e druk (2016)
  • Wegwijs in de inkomstenbelasting, Van Arendonk et al. (2015)
  • Cursus Belastingrecht: Inkomstenbelasting 2016/2017 (studenteneditie)

Reageer op het artikel "Herinvesteringsreserve: voorwaarden & voorbeeld"

Plaats een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Reactie

Niek de Swart, 09-07-2020 11:16 #1
Hallo, ik vraag me af hoe men het economisch gebruik van een oud bedrijfsmiddel vergelijkt met dat van het nieuwe bedrijfsmiddel. Bijvoorbeeld een gebouw is 22 jaar geleden aangekocht als pension en als zodanig met de horeca- codes ingeschreven bij KVK. Dat bleek niet rendabel te maken. Intussen is het gebouw daarom al 10 jaar in gebruik als groeps- accommodatie (recreatief ipv horeca) voor ruim 40 personen. Hierdoor werd het gebouw wel rendabel. Bij KVK is niets veranderd. Bij de aangiften IB wordt de groepsaccommodatie wel als zodanig vermeld.
Nu, als gevolg van de corona- crisis is een dergelijke grote accommodatie echter ineens niet meer verhuurbaar.
Ondernemer overweegt daarom deze accommodatie te verkopen en van de opbrengst meerdere kleinere recreatieve accommodaties te kopen.
Mijn vraag is of deze herinvesteringen in beginsel gefinancierd kunnen worden uit de herinvesteringsreserve.
Misschien kunt u met uw kennis over herinvesteringsreserve hier een kort antwoord op componeren.
Dank en groet
Niek de Swart

Infoteur: Bl86g
Laatste update: 02-10-2017
Rubriek: Financieel
Subrubriek: Belasting
Bronnen en referenties: 5
Reacties: 1
Schrijf mee!