De beslagvrije voet beschreven in acht vragen en antwoorden

Wat is de beslagvrije voet?
De beslagvrije voet is kortgezegd het bedrag dat iemand overhoudt nadat een schuldeiser beslag heeft gelegd op zijn inkomsten. Het basisbedrag van de beslagvrije voet komt erop neer dat iemand ongeveer 90% van de voor hem geldende participatiewetnorm (voorheen bijstandnorm) moet overhouden van zijn inkomsten.Wat is de geldende participatiewetnorm?
Er gelden verschillende normen voor een minimuminkomen voor verschillende doelgroepen. Deze normen worden twee keer per jaar (in januari en in juli) herzien. Deze herziening betekent in de praktijk vaak een verhoging van de norm. De Participatiewet kent een aantal basisnormen. De hoogte van deze normen hangt af van leeftijd en woonsituatie. Er is een norm voor:- Alleenstaande jongeren onder de 21 jaar
- Gehuwde of samenwonende jongeren onder de 21 jaar
- Alleenstaande ouders onder de 21 jaar
- Alleenstaanden tussen de 21 en pensioengerechtigde leeftijd
- Gehuwden of samenwonenden tussen de 21 en pensioengerechtigde leeftijd
- Alleenstaande ouders tussen de 21 en pensioengerechtigde leeftijd
- Alleenstaanden van pensioengerechtigde leeftijd
- Gehuwden of samenwonenden van pensioengerechtigde leeftijd
- Alleenstaande ouder van pensioengerechtigde leeftijd
- Personen die in een inrichting wonen
Is de beslagvrije voet altijd precies 90% van de geldende norm?
Een aantal zaken kunnen de beslagvrije voet verhogen of verlagen. De beslagvrije voet wordt verhoogd met:- De normhuur. Dit is huur zoals deze staat in de Wet op de Huurtoeslag. Hiervan moet eventuele huurtoeslag worden afgetrokken.
- De maandelijkse premie voor de zorgverzekering. Hiervan moet eventueel ontvangen zorgtoeslag worden afgetrokken.
- Het kindgebonden budget
De beslagvrije voet wordt verlaagd met ander inkomen. Ook het feit dat er informatie die van belang kan zijn voor de berekening van de beslagvrije voet (bewust) niet wordt verteld, kan ervoor zorgen dat de beslagvrije voet wordt verlaagd of zelfs gehalveerd, wanneer de informatie toch boven komt.
Geldt voor alle vormen van inkomen een beslagvrije voet?
Niet op al het inkomen rust een beslagvrije voet. Voor inkomsten uit bijvoorbeeld freelance werk of op huur- en zorgtoeslag geldt geen beslagvrije voet. Een schuldeiser kan op het complete bedrag dat iemand verdient uit freelance werk dus loonbeslag leggen.Voor een aantal inkomsten geldt de beslagvrije voet wel. Het gaat om:
- Loon
- Uitkeringen zoals een WW-uitkering, een participatie-uitkering of een ziektewetuitkering
- Pensioenen en lijfrentes
- Alimentatie
- De voorlopige teruggaaf van de belastingdienst
- Periodiek uitgekeerd geld uit een levens- of ongevallenverzekering
- Het loon van ambtenaren (bezoldiging)
Kan ik zomaar loonbeslag leggen?
Voor het leggen van loonbeslag heb je een 'executoriale titel' nodig: een vonnis van de rechtbank waarin staat dat de schuldeiser jou iets te goed is. Zonder dit vonnis kun je geen loonbeslag laten leggen door de deurwaarder.Kan ik zelf loonbeslag leggen?
Loonbeslag wordt gelegd door een deurwaarder. Hij heeft hiervoor een vonnis van de rechter nodig. Sommige organisaties zoals de Belastingdienst, hebben een 'eigen deurwaarder'. Zij mogen dus eigenlijk wel zelf beslag leggen. In alle andere gevallen moet beslag op inkomen altijd gelegd worden via een deurwaarder.Wat doet een deurwaarder?
Als het gaat om het leggen van loonbeslag, heeft een deurwaarder een aantal taken die hij moet uitvoeren. Hij moet in ieder geval de beslagvrije voet berekenen. Daarnaast moet hij:- het beslagregister raadplegen (sinds januari 2016)
- het vonnis aan de schuldenaar betekenen
- het vonnis overbetekenen aan een derde: bijvoorbeeld aan de bank waar het salaris waarop beslag wordt gelegd, wordt gestort
- het beslagexploot (over)betekenen aan de geëxecuteerde
- het beslag inschrijven in het beslagregister (sinds januari 2016)
Betekenen is niets anders dan overhandigen van het vonnis aan de betreffende persoon, bijvoorbeeld degene op wiens inkomen het beslag wordt gelegd (de beslagene) of de aan de bank waarop het salaris van de beslagene wordt gestort (dit is de derde-beslagene).