Verzekering en Aow-franchise

AOW-franchise, wat is dat

AOW-franchise, wat is dat

Zodra u bezig gaat met het pensioen van uw werkgever, of wanneer u een berekening wil maken van de aftrekbare lijfrentepremie, dan stuit u al snel op het begrip AOW-franchise. Wat houdt dit begrip nou eigenlijk in en wat doet het? Hieronder een korte verklaring.


AOW – minimum voorziening

De AOW (of Algemene Ouderdoms Wet) is een door de Staat georganiseerd basispensioen voor mensen vanaf 65 jaar. Iedereen die in Nederland woonachtig is bouwt jaarlijks 2% aan AOW-rechten op. Heb je tussen je 15e en 65e jaar in Nederland gewoond, dan heb 50 x 2% = 100% AOW-rechten opgebouwd. De AOW is een basisvoorziening op het minimum niveau. De hoogte is gekoppeld aan het minimum loon voor een 23 jarige. Stijgt het minimum loon, dan stijgt de AOW-uitkering.

Achtergrond

In het midden van de vijftiger jaren van de vorige eeuw besloot het toenmalige kabinet onder aanvoering van Dr. Drees dat inwoners van dit land een inkomen moesten krijgen, ook als zij stopte met werken. De oorlogsjaren en de wederopbouwperiode daarna hadden er voor gezorgd dat ouderen, na het beëindigen van hun werkzame leven, feitelijk zonder inkomen zaten. Men vond dat uit sociaal oogpunt onaanvaardbaar en besloot tot de invoering van deze wet.

Geen verzekering

In tegenstelling tot het pensioen, dat u opbouwt via uw werkgever, of de lijfrente, die u opbouwt via een verzekeringsmaatschappij of – vanaf dit jaar – via banksparen, is de AOW geen verzekering. Uitkeringen vinden plaats via het zogenaamde omslagstelsel. Simpel gezegd komt het er op neer dat werkenden betalen voor de niet-werkenden. Dit verklaart ook meteen de zorg die is ontstaan over de betaalbaarheid van dit stelsel. Als in de zeer nabije toekomst steeds minder werkende de AOW op moeten brengen voor een steeds grotere groep 65-jarigen, dan dreigt de betaalbaarheid in het geding te komen.

Pensioenontwikkeling sinds de zestiger jaren

Vanaf de zestiger jaren is bij werknemers steeds meer het besef doorgedrongen dat alleen een AOW-uitkering geen vetpot was. In het overleg tussen werkgevers en werknemers gingen bedrijven er toe over een bedrijfspensioen in het leven te roepen voor hun oudere ex-werknemers. Een decennium later kwam ook het sparen via een lijfrenteverzekering meer en meer in zwang. Zeker toe het mogelijk bleek de premie voor de verzekering op het inkomen in mindering te brengen en pas belasting te gaan betalen als t.z.t. de uitkering zou volgen.

Pensioengedachte: wat is een goed pensioen?

In het denken over pensioen kwam men tot de conclusie dat iemand die zijn werkzame leven afsloot met minder inkomen toe zou moeten kunnen dan iemand die nog volop aan het werk was en vaak ook nog de zorg voor de opvoeding van kinderen had. Men formuleerde toen de gedachte dat, als je totale pensioen 70% zou zijn van het inkomen dat je daarvoor verdiende, je een goed pensioen zou hebben. Dit is de basis geworden van het pensioendenken in Nederland.

Pensioen opbouwen gedurende je werkzame leven

Naast de AOW bouwt men pensioen op in de periode dat men werkt. Hoe langer men werkt, hoe beter het pensioen. Dus nu 100% verdienen, straks 70% aan uitkering krijgen. Zit je nu 40 jaar of langer bij dezelfde werkgever en bouw je via de werkgever een pensioen op basis van een eindloonregeling op, dan kom je waarschijnlijk dicht in de buurt van dit percentage. Maar verreweg de meeste mensen zitten geen 40 jaar bij dezelfde werkgever en/of hebben geen eindloonregeling. Daarom ligt het meer in de lijn van de verwachting om uit te gaan van een percentage van 50% of 60%. En dat verklaart weer de populariteit van de lijfrente.

Alleen pensioen boven op de AOW

De wetgever heeft ooit goed gevonden dat een deel van het inkomen buiten de belastingheffing bleef. Namelijk dat deel dat gebruikt wordt voor het opbouwen van pensioen. De wetgever kon dit doen, omdat t.z.t. de uitkeringen progressief belast zullen gaan worden. Het is dus uitgesteld inkomen. Maar de wetgever heeft wel bepaald dat van het inkomen het bedrag dat t.z.t. aan AOW zal worden ontvangen, buiten beschouwing moet blijven. De AOW-franchise.

Loon nu 100%; pensioen straks 70%

Als nu de AOW-uitkering van het loon moet worden afgetrokken, alvorens pensioenopbouw mag worden berekend, dan dreigen we appels met peren te gaan vergelijken. De AOW maakt onderdeel uit van het inkomen straks, dat 70% zou moeten zijn van het inkomen nu. Daarom wordt het bedrag van de AOW-uitkering omgerekend naar 100% door de uitkering te vermenigvuldigen met de factor 10/7.

In de praktijk zult u verschillende bedragen tegen kunnen komen, waarmee gerekend wordt als de AOW-franchise in het geding komt. Dat hangt af van de uitgangspunten in het pensioenreglement van uw werkgever. Maar zij hebben één ding gemeen: ze staan allemaal in relatie tot de hoogte van de AOW-uitkering.

Ik wens u 70% toe.

Zie ook:
AOW en wonen in het buitenland
Bereken zelf de lijfrenteaftrek
© 2008 - 2010 Hypotheekinfo, gepubliceerd in Verzekering (Financieel) op 09-01-2008, laatst gewijzigd op 09-01-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Hypotheekinfo is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "AOW-franchise, wat is dat"


Door Gerda van den brink op 06-02-2010

Ik werk parttime 60%, wordt het franchise bedrag ook 60% van mijn bruto salaris? Reactie infoteur op 06-02-2010:Als u bedoeld in relatie tot de bepaling van uw pensioengevend salaris voor de pensioenregeling van uw werkgever, dan is het antwoord 'ja'. Bedoeld u de toegepaste AOW-franchise voor de berekening van uw jaarruimte voor de lijfrente-aftrek dan is het antwoord 'nee'. In dat laatste geval wordt uitgegaan van een gefixeerd bedrag.