Op weg naar een nieuwe energie-economie

Op weg naar een nieuwe energie-economie

De volgende thema’s zullen hoogstwaarschijnlijk het beleggingslandschap bepalen in de komende jaren: een nieuwe financiële architectuur, demografische ontwikkelingen, klimaatverandering en Peak Oil. Een nieuwe financiële architectuur refereert naar een raamwerk en een mandje maatregelen die in de toekomst crises kunnen voorkomen dan wel kunnen helpen om toekomstige crises beter te kunnen doorstaan.
Een robuust nationaal en internationaal financieel systeem ondersteunt ook de andere drie uitdagingen waarvoor de wereld staat: een groeiende bevolking van voldoende voedsel voorzien, energiezekerheid en klimaatverandering.

De “resource curse thesis” en de “Dutch disease”

Het zwaartepunt van de wereldeconomie verschuift geleidelijk richting de Azië-Pacific regio en de grondstofrijke landen (met name Brazilië en Rusland, maar ook het Midden-Oosten). Echter de theorie van de vervloekte hulpbronnen (vrije vertaling van de “resource curse thesis”) heeft ons geleerd dat niet alle landen de zegening van grondstoffen in hun voordeel gebruiken. Nederland heeft daar bijvoorbeeld de wereldwijd bekende Hollandse Ziekte (“Dutch disease”) aan overgehouden, refererend aan het aanwenden van de onverwachte aardgasopbrengsten voor het financieren van een permanente stijging van de overheidsuitgaven. Nederland was in de jaren zeventig van de vorige eeuw het eerste land dat door een dergelijk verschijnsel werd getroffen. Het kwam aan licht na de energiecrisis van 1973.

De Nederlandse economie werd zwaar getroffen door de afnemende wereldhandel. Tegelijkertijd begon de regering Den Uyl (1973-1977) met een grootschalig fiscaal stimuleringsbeleid, dat zich vooral vertaalde in een uitbreiding van de verzorgingsstaat. Onderliggend boette de Nederlandse economie echter aan concurrentiekracht in, ook door een sterkere gulden (als gevolg van de aardgasexport). Rond 1979-1980 (ten tijde van de tweede energiecrisis) drongen de desastreuze effecten van de regering Den Uyl pas echt goed door. De overheidsfinanciën waren uit de hand gelopen, de lastendruk was sterk gestegen, maar tegelijkertijd was het begrotingstekort opgelopen naar 6% van het bruto nationaal product. Stijgende arbeidskosten en lagere bedrijfswinsten resulteerden uiteindelijk in grootschalige werkloosheid begin jaren tachtig.

Op dit moment zien we dat een dergelijke situatie zich ook voordoet in bijvoorbeeld Rusland, maar ook in Iran en Venezuela. Het Verenigd Koninkrijk heeft hier ook mee te maken gehad en wellicht nog steeds nu de financiële sector ingeklapt is. Oliestaat Noorwegen heeft zijn grote crisis ook achter de rug (rond 1987). Dit noopte Noorwegen, het Saudi-Arabië van het noorden, serieus werk te maken van een investeringsfonds waarin de olie- en gasopbrengsten terecht kwamen. Het geld moet dienen om in de toekomst de stijgende pensioenkosten op te vangen en om Noorwegen voor te bereiden op de tijd na de uitputting van de olievoorraden.

De kredietcrisis heeft duidelijk een waterscheiding gemaakt tussen enerzijds de landen die de olie- en gasopbrengsten hebben belegd in staatsfondsen (zogenaamde “sovereign wealth funds”) dan wel hebben geïnvesteerd in hun economie, en anderzijds landen die hun grondstofopbrengsten simpelweg hebben uitgegeven. De laatstgenoemde landen zijn veel meer blootgesteld aan de slingerende beweging van de wereldwijde grondstoffenprijzen, wanbeleid van overheden of zwakke, labiele of corrupte instellingen.

De macht in de wereld verschuift

Momenteel is de Verenigde Staten als enige supermacht dominant op economisch, militair en cultureel gebied. De 21ste eeuw wordt de eeuw van Azië. India en China worden de nieuwe supermachten. Daarnaast blijft Japan een rol van betekenis spelen. Drie van de zes supermachten liggen daarmee in Azië. Brazilië en Rusland maken het zestal compleet. De huidige financiële crisis heeft al een tipje van de sluier opgelicht. Niet langer is de G8 leidend (de in 1975 opgerichte G6 – Duitsland, Frankrijk, Italië, Japan, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten – aangevuld met Canada in 1976 en Rusland in 1998), maar de G20 (19 van de 25 grootste economieën ter wereld zitten hierin, plus de Europese Unie). De G20 behelst naast de G8-landen eveneens de grotere Aziatische economieën (China, India, Indonesië, Japan en Zuid-Korea), maar ook Australië, Brazilië, Mexico en Zuid-Afrika.

Oliereserves

Volgens de “BP Statistical Review of World Energy” (juni 2008) waren de totale bewezen oliereserves 1.238 miljard vaten aan het eind van 2007. 75,5% van deze oliereserves bevinden zich in de zogenaamde OPEC-landen. En weer 61% van de bewezen oliereserves is te vinden in het Midden Oosten. Saudi-Arabië is het land met de grootste oliereserves: 21,3% van het totaal in de wereld. Daarnaast waren de resterende vastgestelde oliereserves uit de Canadese teerzanden 152 miljard vaten aan het eind van 2007.

Zelfs op basis van een olieprijs van bijvoorbeeld 50 dollar per vat is de waarde van de wereldwijde bewezen oliereserves ruim drie maal groter dan de waarde van alle beursgenoteerde bedrijven in de wereld bij elkaar. Ter indicatie, in juni 2008, toen de olieprijs zo’n 100 dollar per vat noteerde en nog voordat de wereldwijde beurzen aan de tweede forse daling begonnen (na die van januari 2008), was dat een factor 4. Dit geeft de potentiële machtsbasis van de olierijke landen al aan.

Op basis van de gemiddelde verwachte olievraag van 85,3 miljoen vaten per dag (dit is de verwachting van het Internationale Energie Agentschap (IEA) in Parijs en dateert van 16 januari 2009) betekent dit dat de wereld nog bijna 40 jaar vooruit kan met de huidige bewezen oliereserves. De Canadese teerzanden verlengen dit met nog eens een jaar of 5. Dit is natuurlijk een statische indicatie waarbij geen rekening is gehouden met mogelijke nieuwe olievondsten, nieuwe oliewinningsmethodes, de (on)betrouwbaarheid van de huidige oliereserves, maar ook niet met vraagveranderingen. Aan de ene kant als gevolg van de invloed van alternatieve energie, aan de andere kant een grotere behoefte aan olie als gevolg van demografische ontwikkelingen en een hervatting van de economische groei in de wereld.

Energiezekerheid

Ons dagelijks bestaan is sterk afhankelijk van olie en gas. Tussen 1870 en 1913 was het gemiddeld aantal reizigerskilometers bijna 30 kilometer per jaar in Nederland. Tegenwoordig is dat jaarlijks ruim 20.000 kilometer (exclusief vliegen). Aardolie dient na olieraffinage als brandstof, maar ook als grondstof voor de petrochemische industrie: o.a. kunststoffen, plastic, verf en computeronderdelen.

Energiezekerheid was in 1970-1980 een groot thema en is dat in het tijdperk na 9/11 weer geworden. Hoe kan de olieverslaving verminderd worden en dus ook de afhankelijkheid van instabiele en wellicht vijandige regimes? Dit is vooral een prangende kwestie voor de Verenigde Staten, omdat dit land goed is voor zo’n 25% van de totale olievraag in de wereld met maar 5% van de wereldbevolking. Het aanstaande zijn van Peak Oil maakt deze uitdaging nog urgenter. Het fenomeen Peak Oil houdt in dat de olieproductie wereldwijd eens zal pieken waarna er per jaar minder aanbod van olie op de markt komt. Hoe kan de schade aan de natuur verminderd worden? En wat kan er gedaan worden aan klimaatverandering? Welke trends zijn er op het gebied van logistiek te bespeuren? Kan de landbouw en visserij zonder olie? Welke nieuwe energiebronnen vervangen straks olie? Hoe zal de nieuwe energie-economie ons dagelijks leven veranderen? Dit zijn allemaal vragen die de wereldgemeenschap de komende jaren zal moeten oplossen.

Het belang van voedselzekerheid is toegenomen als gevolg van klimaatverandering, alternatieve energie, bevolkingsgroei, welvaartsverschuiving en onderinvesteringen. Demografische ontwikkelingen (bijvoorbeeld de proportionele stijging van de verouderende bevolking in veel Westerse landen en Japan, de effecten van de één-kind politiek, bevolkingsgroei en een proportioneel jonge bevolking in opkomende landen) als wel een bredere verdeling van de wereldwijde welvaart hebben een significant effect op hoe de wereld omgaat met eindige natuurlijke hulpbronnen, eetpatronen en energie. Tegelijkertijd moet de consumptie op een duurzame manier geschieden om onze planeet in stand te houden voor ons nageslacht.

Conclusie

Concluderend kan men zeggen dat klimaatverandering, demografische ontwikkelingen en energiezekerheid serieus met elkaar verbonden uitdagingen vormen voor de wereldgemeenschap. Peak Oil en klimaatverandering dwingen de wereld om de ontwikkeling van alternatieve en duurzame energie op te voeren. Ondanks de kredietcrisis moet het onderzoek naar nieuwe energiebronnen en andere vervoersmiddelen niet worden gestoord. Daarnaast zorgen investeringen op dit gebied ook voor economische groei. Aardolie blijft een noodzakelijk energiebron. Maar een eventuele stijging van de vraag, hogere productiekosten en de waargenomen behoorlijke dalingen van de productie van bestaande olievelden geven de noodzaak aan voor de olie-industrie om de zoektocht naar nieuwe olievelden voort te zetten. Tegelijkertijd moet het winningspercentage van bestaande olievelden worden opgekrikt. Volgens het IEA bedroeg de productie-gewogen, gemiddelde, jaarlijkse natuurlijke daling van bestaande olievelden in de wereld 9% in 2008. Echter de kredietcrisis en de extreme bewegingen van de olieprijs hebben geleid tot een vertraging van de exploratie inspanningen. Dit zou op zich al over een paar jaar kunnen leiden tot een nieuwe oliecrisis. De wereldeconomie heeft namelijk een voldoende aanbod van olie nodig om de transitie te maken van een olie-economie naar een economie die aangedreven wordt door alternatieve en duurzame energie.

Dit artikel is onderdeel van de special Energiezekerheid en Peak Oil.
© 2009 - 2012 Vrijdenker, gepubliceerd in Beleggen (Financieel) op . Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.

Gerelateerde links
Aandelen Startpagina.

Gerelateerde artikelen
Peak Oil nader bekeken In 2009 ligt de gemiddelde verwachte olievraag op 85,3 miljoen vaten per dag. Voor het uitbreken v…
Peak Oil volgens oliemaatschappij Total Christophe de Margerie, CEO van Total, lijkt al een tijdje de meest realistische…
De grootste olie- en gasbedrijven ter wereld De tien grootste olie- en gasmaatschappijen in de wereld zijn niet alleen st…
Op naar een nieuwe volatiele olieprijscyclus De olieprijs beweegt zich al sinds december 2008 in een bandbreedte van onge…
Olieprijs heeft bodem achter de rug De olieprijs bereikte op 11 juli 2008 een piek van USD 147, 27 per vat olie van 159 l…

Reageer op het artikel "Op weg naar een nieuwe energie-economie"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Naam: E-mailadres: Meld mij aan voor de wekelijkse InfoNu nieuwsbrief. Reactie:
Infoteur: Vrijdenker
Rubriek: Financieel
Subrubriek: Beleggen
Schrijf mee!